donderdag 31 mei 2018

Hoe de cover van Verstoppertje tot stand komt?

Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Leah en Babs in Huisduinen
Ik had een beeld voor ogen: een meisje en een vrouw met lang, rood haar. Ze lopen hand in hand het duin op en kijken verwijtend achterom, recht in de ogen van de lezer. Dat is wat ik wilde voor de cover van Verstoppertje.  
George, de fotograaf, zei gelukkig meteen ‘ja’ toen ik hem vroeg deze foto te maken. Ik plaatste een oproepje op Facebook voor de modellen en nu prijken Leah en Babs, als Marjolein en Hanna (twee belangrijke personages in de thriller) op de voorkant.

Cover twins

Wist je dat er boeken zijn die een afbeelding gebruiken op de cover uit een algemene databank? Daar koop je een foto en die kun je vervolgens zo vormgeven zoals jij hem het mooist vindt. Uitgeverijen en coverontwerpers maken hier regelmatig gebruik van en dan kan het zijn dat iemand anders dezelfde foto gebruikt voor zijn boek. Wat je dan dus soms krijgt, is een cover twin van je boek. Als je googled op ‘bookalikes’ zie je er een heleboel voorbij komen.
Boeken met een 'cover twin'
Het idee van een cover twin vond ik niet zo aantrekkelijk. Ik wilde liever een uniek beeld en dus moest ik op zoek naar een fotograaf en twee modellen.

Echt helmgras

George Stoekenbroek, gepensioneerd leerkracht en fotograaf, uit Den Helder, maakt hele mooie foto’s. Hij post ze regelmatig op Facebook en fotografeert ook voor het Noord-Hollands Dagblad.
Voor deze coverfoto struint hij de omgeving af voor de perfecte locatie. We hebben namelijk een makkelijk toegankelijk duintje nodig met echt helmgras. Zo komt het dat we terechtkomen in Huisduinen.

“Hanna.. uh.. Babs!”

Het eindresultaat
Maar eerst moest ik nog op zoek naar twee modellen. De zusjes Marjolein en Hanna spelen een grote rol in het boek, dus die wilde ik op de cover hebben. Ze hebben allebei lang, rood haar en ik wilde ze hand in hand in het duin laten staan, omdat ook het duin een nogal prominente rol heeft in het verhaal.
Op mijn oproepje op Facebook kwamen veel reacties. Iedereen die heeft gereageerd: dank daarvoor! De keus viel op Leah Bijma en Babs Straalman.
En toen werd het wachten op mooi weer. De thriller speelt, zowel in het verleden als nu, in de zomer. Leah en Babs konden dus niet in hun winterjas, of met het kippenvel op de armen, op de foto. Maar de foto moest wel eind april af zijn in verband met de deadline voor de vormgeving. Gelukkig werkte het weer mee en hadden we 19 april mooi weer én we konden allemaal tegelijk in Huisduinen zijn.
Tijdens de fotoshoot zijn we zo bezig met het neerzetten van de twee karakters en wat zij moeten overbrengen op de foto, dat ik Babs per ongeluk zelfs een keer ‘Hanna’ noem. :)

Leah en Babs vonden het ook leuk om mee te werken aan de trailer van Verstoppertje. In het bijbehorende filmpje kijk je mee behind the scenes van de covershoot en het maken van de trailer.

donderdag 17 mei 2018

Durf jij hem ook al te kopen?


Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Verstoppertje is al 50 keer gekocht! Hij komt pas 1 juni uit maar weet je wat er zo leuk aan is als je hem nu al bij me bestelt? Dan krijg je een gesigneerd exemplaar mét persoonlijke boodschap, de verzendkosten zijn voor mijn rekening én je hebt hem al in huis nog voordat hij in de winkel ligt!  

Durf jij?

Je kunt Verstoppertje nu al bij me bestellen!

Verstoppertje, een 120 pagina tellende paperback, 
‘ligt’ nog bij de drukker en nu al zijn er een heleboel lieve mensen die hem bij me hebben besteld. Dit heet met een spannende (ahum) term: verkoop op voorinschrijving.
Ik mag helaas geen korting geven, hieronder leg ik uit waarom. Maar wat ik wel kan doen, is zorgen dat jij mijn boek in huis hebt heel snel nadat de drukker hem bij mij aflevert.
Ik signeer je boek en schrijf er een persoonlijke boodschap in. Én je hoeft geen verzendkosten (á € 3,32) te betalen als je hem koopt vóór 1 juni.

Er is een wet

Er bestaat zoiets als de Wet op de vaste boekenprijs. Dat houdt in dat er voor je boek, in principe het eerste jaar, overal dezelfde prijs wordt gevraagd. In dit geval € 14,90.
Dat is zodat iedereen die mijn boek besluit te verkopen, evenveel kans maakt om het boek ook echt te verkopen.
 
Liever in de winkel?

Als je het fijner vindt om nog even te wachten en het boek eerst wil bekijken voordat je hem koopt, kun je straks ook terecht bij boekhandel Plukker in Schagen, bij de Blokker en de Albert Heijn in Callantsoog en bij Haakvrouw in Medemblik.
Op 3 juni kun je hem dan alsnog laten signeren want dan zit ik van 12.00 tot 14.00 uur bij de Albert Heijn in Callantsoog.
Ik ga proberen om Verstoppertje in meer boekenwinkels in de Noordkop te krijgen. Daar ben ik nog druk mee bezig, ik houd jullie op de hoogte!

Zo bestel je bij mij

Het kan op twee manieren.

Via Facebook:  
1.      Stuur me een bericht via de berichtknop op Nicolette Schrijft. Zet je meteen het verzendadres erbij?
2.      Ik stuur jou een betaalverzoekje van € 14,90
3.      Verstoppertje komt naar je toe!

Via e-mail:  
1.      Stuur een bericht naar nicci.dutch@gmail.com Zet je meteen het verzendadres erbij? 
2.      Ik stuur jou een betaalverzoekje van € 14,90 via de mail of je maakt het bedrag over t.n.v. N. Molenaar, NL82INGB0006165125, o.v.v. Verstoppertje en je eigen voornaam
3.      Verstoppertje komt naar je toe!

zaterdag 5 mei 2018

Wist je dat..? Over Verstoppertje!


Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Waarom paal 15 nooit meer dezelfde onschuldige paal zal zijn op het strand… Wat hebben zwangerschapsyoga en de personages in mijn verhaal met elkaar te maken? En waarom speelt het verhaal in Schagen en in Callantsoog? Ik vertel het je allemaal in dit blog!

What’s in a name?

Natuurlijk kun je de personages in je verhaal elke naam geven die jij als schrijver maar wil. Maar toen ik net begon met schrijven (en ik nog niks online had gezet) waren er een paar mensen heel enthousiast over mijn verhalen. Het waren de vrouwen waar ik vijf jaar geleden alle zwangerschapsperikelen mee deelde op zwangerschapsyoga. Zo kwam ik op het idee om mijn hoofdpersonen hun namen te geven. Ook hun mannen en hun kinderen moesten eraan geloven.
Toen ik eenmaal lekker op dreef was hiermee, en ik steeds meer namen nodig had, dacht ik dat het wel leuk zou zijn om hier trouw aan te blijven. Iedere naam in mijn boek is daarom afkomstig (soms een klein beetje aangepast) van een van deze vijf vrouwen en hun gezinnen, die inmiddels verder zijn uitgebreid. Gelukkig maar, anders had ik niet genoeg namen gehad!

Real life

Met twee Marjoleinen in de groep, moest hun naam natuurlijk een belangrijke plek krijgen in het verhaal en Noortje en Nora zijn samen vertegenwoordigd als Nora. Omdat het er in het boek soms niet zo zachtzinnig aan toe gaat (het is ten slotte een thriller), en een van de beschreven gezinnen gaande weg wel erg op het real life gezin begon te lijken, hebben we een achternaam aangepast en de naam Reinoud, in de thriller-blog nog een van de hoofdrolspelers, veranderd in Johan. Reinoud komt nog wel ergens terug als Noud.

Schagen

De proloog, het verhaal waarmee alles begon, heb ik geschreven terwijl ik zelf op een regenachtige dag op de bank zat in mijn appartementje in Schagen. In wezen was ik dus eerst zelf de Wilma in het verhaal.
Haar appartementje heb ik wel verplaatst naar de zesde verdieping. Zo is ze nog iets meer verstopt voor de buitenwereld. Het feit dat ze zo op iedereen kan neerkijken, zaken kan overzien en overhoren, maar dat niemand bij haar naar binnen kan kijken, past goed bij haar persoonlijkheid. Eigenlijk realiseer ik me dit pas nu ik het hier opschrijf! Soms is het schrijven van een boek zo magisch, echt.

Callantsoog

Dat de hoofdpersonen in Callantsoog zijn opgegroeid is niet geheel toevallig. Het is mijn heimat en ook al heb ik de personen en gebeurtenissen in het verhaal allemaal uit de dikke duim gezogen, de setting is echt. Het is ontzettend leuk om mijn eigen vertrouwde dorpje, waar ik, anders dan mijn personages, een top jeugd heb gehad, te mogen gebruiken in mijn verhaal. 
En dan is er nog Paal 15. Vaak als ik over het strand wandel, dan keer ik om bij deze paal. Ik weet niet meer precies hoe ik er bij gekomen ben maar het is vast tijdens een van mijn wandelingetjes geweest dat ik er op kwam dat er ter hoogte van die paal iets verschrikkelijks gebeurt in de duinen…

In het filmpje van aankomende week vertelt mijn familie wat ze er van vinden dat ik een boek aan het schrijven ben!




zaterdag 28 april 2018

Mijn thriller-blog

Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Denk jij er ook wel eens over om te schrijven voor een publiek? Begin een blog! Origineel? Allang niet meer. Leuk? Ja!
En vergeet niet wat Facebook voor je kan betekenen als (beginnend) auteur. Toen ik de hoofdstukken van Verstoppertje ging delen op Facebook, steeg het aantal lezers van 30 naar gemiddeld 300 lezers. 
Ik kreeg zo veel enthousiaste reacties op mijn thriller-blog dat ik besloot mijn verhaal te laten lezen door een ervaren redacteur, Eveline Broekhuizen.

Wat kan jou het schelen?

Schrijven voor jezelf is leuk, en toch is gelezen worden ook wel heel gaaf. Dus, verder schrijvend aan mijn verhaal besluit ik het blog nicoletteschrijft.blogspot.nl in het leven te roepen. Hier post ik de eerste hoofdstukken van Verstoppertje.
Soms moet je gewoon ergens beginnen en al doende leren hoe het moet en daar is een blog een prima medium voor. Groot voordeel van een blog: als het eenmaal online staat en je ziet later foutjes, of je bedenkt dat een zin mooier had gekund of er helemaal uit moet, dan pas je het toch gewoon lekker aan. Wat kan jou het schelen? Het is jouw blog. En degenen die later je verhaal lezen, lezen dan toch maar mooi een betere versie.

Leg hem weg

Tijdens het schrijven aan mijn thriller-blog, maar ook tijdens het schrijven aan mijn boek, ontdek ik dat een belangrijk onderdeel van schrijven is, dat je af en toe níet schrijft. Juist als je je werk even helemaal loslaat, zie je daarna weer dingen die je niet meer zag toen je met je hoofd compleet in je verhaal zat. En dan is er ook weer ruimte voor nieuwe creativiteit. Dus, leg je verhaal af en toe weg. Hoe langer, hoe beter eigenlijk, hoe raar dat misschien ook mag klinken.

Tijdens een van de coachingssessies met Eveline

De spanningsboog

Elke vrijdag post ik een nieuw hoofdstuk van Verstoppertje op mijn blog en op Facebook. De eerste fans geven aan het verhaal echt te volgen en soms niet te kunnen wachten op het volgende hoofdstuk. Door hun enthousiasme besluit ik te onderzoeken of ik van Verstoppertje misschien een boek kan maken.
Ik neem contact op met een ervaren redacteur, Eveline Broekhuizen, die vijf minuten bij me vandaan blijkt te wonen, en laat het aan haar lezen. Zij heeft meteen een tip: voor een blog zijn die korte spanningsbogen prima, voor een boek moeten ze langer. Mijn eerste opdracht luidt dus: bijschrijven.
En zo ontstaan versie 1, 2 en 3 van mijn ‘boek’.
De hoofdstukken op mijn blog zijn inmiddels in volgorde, en hier en daar ook inhoudelijk, aangepast. Maar wat er gebeurt in deze hoofdstukken, vormt nog steeds de basis van het boek.

Dinsdag vertellen een paar van mijn eerste fans in een promotiefilmpje wat ze zo leuk vinden aan het verhaal Verstoppertje en waarom zij het boek gaan lezen!


donderdag 26 april 2018

"Stop als het goed gaat"

Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Ik win helemaal niks met de eerste vijf verhalen die ik instuur naar schrijfwedstrijden. Maar de zesde keer, met het verhaal Verstoppertje, is het raak.
Van de prijs, een mini-masterclass van thrillerschrijver Simon de Waal, leer ik weer een beetje beter schrijven en zo ga ik aan de slag met het vervolg van mijn verhaal.

Nog zo veel te leren

Hoe meer ik me verdiep in schrijven, hoe meer ik ontdek dat er nog zo veel te leren valt.
Ik volg workshops, een cursus creatief schrijven en bezoek schrijversdagen. Bij een abonnement op Schrijven Magazine krijg ik het boek Van kort verhaal naar roman van Inge Schouten cadeau. Dat boek kan ik iedereen, die beter wil leren schrijven, aanraden. Er staat duidelijk in welke keuzes je tijdens het schrijven te maken hebt en het is makkelijk zelf te bestuderen.
Heb trouwens niet de illusie dat als je een keer wint, je dus goed kunt schrijven. Of je verhaal in het oog springt bij de jury is toch ook een kwestie van smaak.

Simon de Waal

Gelukkig viel mijn verhaal in de smaak bij Simon de Waal, die jurylid was bij de schrijfwedstrijd van Stichting Collectieve Promotie van het Nederlandse Boek (CPNB) tijdens  de Spannende Boeken Weken 2017.
Misschien heb je nog niet eerder van Simon de Waal gehoord, maar je hebt vast wel eens van series als Baantjer, Unit 13 en Grijpstra & De Gier gehoord. Of van de film Lek? (Waar hij een Gouden Kalf mee won in 2001.) Simon is hiervan scenarioschrijver en/of regisseur én hij is auteur van een aantal thrillers.


Tijdens de mini-masterclass met Simon de Waal Foto: Victor Zwaan

De beste prijs die er is

Bij sommige schrijfwedstrijden kun je een stapeltje boeken winnen, of je verhaal wordt gepubliceerd in een verzamelbundel. Dat is natuurlijk heel leuk, maar nog leuker is het als je prijs bestaat uit het beter leren schrijven van een auteur die zijn of haar strepen al heeft verdiend.
Tijdens die mini-masterclass thriller schrijven kreeg ik zo veel tips van Simon, ik heb ze niet eens allemaal meteen kunnen toepassen tijdens het schrijven aan mijn boek.

'Stop als het goed gaat'

Een paar tips heb ik tijdens het verder schrijven aan Verstoppertje de hele tijd in mijn achterhoofd gehouden.
‘Alles wat je schrijft moet een functie hebben’ (schrijf dus niet over de groene auto van de buren als dit verder geen enkele betekenis heeft in je verhaal) is er een, en: ‘Het belangrijkst is niet dat iets realistisch is, maar dat het geloofwaardig overkomt’.
Ook een goede: ‘Bedenk tien verschillende eindes voor je verhaal, wees niet te snel tevreden’.
En de beste tip die ik kreeg, was misschien toch wel: ‘Stop als het goed gaat.’ Dus, schrijf niet door totdat de inspiratie op is, dan wordt het steeds moeilijker om de volgende dag weer verder te gaan. 

Tijdens de Spannende Boeken Weken 2018 (6-24 juni) komt Simon de Waal mijn eerste boek officieel in ontvangst nemen. Hierover later meer!


zaterdag 21 april 2018

Over zes weken komt Verstoppertje uit!

Van schrijfwedstrijd naar blog tot boek


Mijn allereerste boek Verstoppertje ligt bij de vormgever! 
In 2017 win ik tijdens de Spannende Boeken Weken een schrijfwedstrijd. Dit verhaal roept om een vervolg en zo ontstaat mijn thriller-blog. Daar krijg ik zo veel leuke reacties op, dat ik besluit; ik maak er een boek van. 
Op dit moment zet ik, met hulp, de puntjes op de i én stort ik me op de promotie, want ik geef mijn boek ook zelf uit. 
Als je het leuk vindt om te lezen wat er allemaal gebeurt voordat een boek daadwerkelijk in de winkel ligt, de komende zes weken deel ik mijn verhaal. Lees en leef je mee?

Heul veul

Er zijn in Nederland echt heel veel mensen die schrijven en er zijn er ook een heleboel die het lukt om een boek uit te geven. In het begin liet ik me daardoor afschrikken; ik ben nooit goed genoeg om op te vallen. Maar toen zei iemand tegen me: ‘Er is ook behoefte aan middelmatige schrijvers.’ En toen dacht ik, ja, ik leg die lat gewoon wat lager en ga ervoor. Natuurlijk wil ik een hele goede schrijver worden, maar juist door er zo mee bezig te zijn, leer ik nu elke dag heel veel bij.

Pleeg een moord!

Als je trouwens zelf ook wel wil schrijven en je weet niet waar je moet beginnen, schrijfwedstrijden zijn een heel leuk startpunt. Je krijgt een opdracht en een maximum aantal woorden en daarbinnen kun je losgaan met je fantasie. En nog een voordeel, als je het werk van andere deelnemers leest, weet je meteen waar je zit qua niveau.
Ik begon met Pleeg een moord in 25 woorden, een schrijfwedstrijd van de Vereniging van Vlaamse Misdaadauteurs. Dat was een hele leuke opdracht en moeilijker dan je denkt. Probeer het maar eens.
Op de site van Schrijven Magazine staan heel veel schrijftips en je vindt er alle schrijfwedstrijden in Nederland en Vlaanderen. Tips waar ik veel aan heb gehad: kies de wedstrijden waar de jury inhoudelijk feedback geeft op je verhaal (zijn schaars) en lees de verhalen die eerder hebben gewonnen, dan weet je waar de jury van die wedstrijd op let.

Een goede meelezer is goud waard

Ik won met Pleeg een moord in 25 woorden de aanmoedigingsprijs en toen ging ik aan de slag voor allerhande schrijfwedstrijden. In mijn zus, Aletta, vond ik een enthousiaste meelezer. Man, wat was (en ben) ik blij met haar.
Iemand die je vertrouwt en op een positieve manier feedback geeft op je schrijfsels, is heel belangrijk. Want, wat voor jou duidelijk is als schrijver, omdat je zo in je verhaal zit, kan voor je lezer helemaal niet zo logisch zijn. Daar kun je maar beter vroeg dan later achter komen. En die meelezer, die ziet taal- en typefouten die jij allang niet meer ziet na het dertig keer nalezen van je verhaal.

Dinsdag vertelt mijn zus zelf hoe leuk het is om meelezer te zijn. En de volgende keer verklap ik wie de Special Guest zal zijn op mijn eerste-boek-feestje!

Mijn boek, hier nog als manuscript


vrijdag 24 november 2017

Maar het is de kleur van liefde

Hij parkeert zijn auto niet recht voor het raam, dat durft hij dan toch ook weer niet. Meestal is dit plaatsje gelukkig vrij.
De keuken heeft een groot raam dat helemaal doorloopt tot aan de vloer. Dat is handig, dan kan hij haar helemaal zien. De voorkant van haar huis heeft lichtbruine bakstenen, het zijn er 637. De voordeur is donkergroen en boven hangen rode gordijnen voor de ramen, maar dat is toeval. 
Rood, als hij die kleur ziet, denkt hij aan zijn rode sjaal. De mooie  sjaal die zijn moeder voor hem breidde. Hij kan zich eigenlijk niet herinneren dat hij de sjaal niet droeg, totdat het niet meer kon.
Zijn vader was boos op zijn moeder, wat hij maar raar vond. Hoe kon je nou boos zijn op iemand die er niet meer was? Zijn vader was het. Soms kwam zijn woede naar buiten, met zijn vuisten mee. Op hem. Ook die keer toen zijn vader de mooie rode sjaal van zijn nek trok en hem bij het hout in de kachel gooide.

Ze had allang de politie kunnen bellen, maar dat doet ze niet. Ze vindt het fijn als hij daar staat. Ze zwaait nooit. Dat zou haar man niet goed vinden, maar hij herinnert zich een glimlach. Het was die keer waarmee alles begon.
Hij was in de Hema, daar kwam hij vaak. Hij hield van de Hema. De caissières groetten hem iedere keer met een zwaai. Hij vond ze aardig, al zou hij het ook wel gezien hebben als ze hem gewoon met hun mond zouden groeten. Eerst liep hij altijd naar de toonbank waar ze de warme worsten hadden, dan snoof hij die heerlijke lucht op.
Zij was op een dag ook in de Hema. Aan het kijken naar kleren in de rekken, voor haar kinderen, begreep hij later. Ze had een lange, rode rok aan, van satijn of fluweel, hij wist het verschil eigenlijk niet. De rok fladderde mooi om haar benen zoals ze door de winkel zweefde.
Hij ging tegenover haar staan, ze keek op en ze glimlachte naar hem. En zo was het gekomen. Zo makkelijk sloeg de vonk soms over.
Vanaf dat moment ging hij elke dag naar de Hema, hopend dat hij haar weer tegen zou komen. Soms kwam ze een hele week niet, soms zelfs twee. Dat hield hij bijna niet uit. Toen is hij haar maar naar huis gaan volgen.
Later hebben ze een keer samen een kopje koffie gedronken. Dat was een heerlijk uur. Was het een uur? Het voelde als een uur.
Hij keek hoe haar lippen bewogen, hoe haar kin met kleine schokjes op en neer ging. Ze praatte veel tijdens dat koffie-uurtje. Ze had een klein pukkeltje op de zijkant van haar onderkaak. Hij bedacht hoe hij zelf altijd zijn pukkels uitkneep voor de spiegel in de badkamer. Hij deed wel meer voor de spiegel in de badkamer. En de laatste weken dacht hij daarbij altijd aan haar.
Haar ogen straalden ernst uit, dat vond hij mooi. Een vrouw die ernst uitstraalde, net als de ogen van zijn moeder. Hij werd warm van binnen als hij aan dat gesprek terug dacht.
Ze heeft ook wel eens tegen hem geschreeuwd, op straat, dat hij moest stoppen met haar te achtervolgen. Hij zag hoe ze dat woord vormde met haar lippen en haar tong, hij herkende het woord meteen.
Ze had een zware dag toen. Dat soort dingen vergaf hij haar altijd snel. Al had hij een hekel aan het woord achtervolgen. Hij was geen engerd. Hij zou haar nooit iets aandoen.
Niet zoals toen, op de middelbare school, bij Lara. Hoewel dat eigenlijk een soort van ongelukje was.

Vandaag verloopt het begin van haar dag precies zoals elke woensdag verloopt. De man is naar zijn werk en de kinderen naar school. Om deze tijd gaat ze altijd een rondje hardlopen. Ze loopt met een vriendin en ze doen steeds hetzelfde rondje. Hij hoeft niet meer iedere keer achter haar aan te rijden. Nu kan hij rustig even naar binnen kijken.
Een keer in de week hangen er nieuwe theedoeken aan de zijkant van het aanrecht, dat weet hij wel, maar je weet nooit hoe het speelgoed van de kinderen erbij zal staan. Dat verandert echt elke dag.
En die grote groene deken op de bank, die is soms opgevouwen en soms ligt hij verfrommeld op de kussens nog een beetje in de vorm van de laatste persoon die eronder heeft gelegen.
Op het aanrecht liggen worstjes te ontdooien en ze heeft alvast de aardappels geschild. Door de glazen deksel van de pan ziet hij welke groenten ze die avond gaan eten. Vandaag wordt het bloemkool. Mmm, lekker.
Het mooiste moment van de dag is toch als ze ’s middags het huis verlaat om de kinderen van school te halen. Dan kan hij goed zien wat ze die dag aan heeft en dan is het afwachten of de rok weer voorbij komt. Als het zo is, volgt hij haar zeker helemaal tot aan school en weer terug. Van het rode gefladder om haar benen krijgt hij vlinders in zijn buik.

Eén keer moest hij snel wegrijden. Toen kwam de man naar buiten. Dat was op het moment dat hij net zijn auto uit wilde stappen om een rondje om hun huizenblok te lopen. Aan de achterkant van het huis gebeurde ook altijd van alles. En daar hadden ze nog grotere ramen.
De voordeur werd met een ruk naar binnen opengetrokken. De man kwam eerst naar buiten en toen zij. Ze begon aan zijn arm te hangen. De man schreeuwde zijn kant op en wilde naar hem toe. Hij gaf meteen plankgas en in zijn achteruitkijkspiegel zag hij nog hoe de man midden op straat stond, met zijn benen wijd en zijn vuist in de lucht. Vuisten, brrr, ze kunnen zo'n pijn doen. 

Iedere middag als de schoolbel ging, had hij zich gehaast naar de fietsenstalling zodat hij op tijd zou zijn om Lara de hele weg naar haar huis te volgen. Ze was altijd lopend. Daardoor moest hij wel eens zo langzaam fietsen dat hij bijna omviel. Ze had haar kleine, rode rokje niet vaak aan, maar soms had hij geluk.
Op een keer had hij haar voor Valentijnsdag een zelfgemaakte kaart gestuurd. Hij had haar getekend, dat viel nog niet mee. Met hele lange benen en een kort rood rokje. Toen hij klaar was, kwam hij erachter dat hij de kaart overdwars had gehouden, dus nu lag ze op haar rug. Nou ja, toen had hij er maar een bed onder getekend, en zichzelf er ook bij, anders lag ze daar zo alleen. Dat was ook niet leuk op Valentijnsdag.
Hij had de kaart onder het deurtje van haar kluisje op school doorgeschoven. De hele dag was hij op geweest van de spanning. Bij houtbewerken had hij bijna zijn vingers eraf gezaagd.
Die middag kwam ze voor de verandering naar hem toe, in de fietsenstalling. Ze had hele rode wangen en ze keek niet echt vriendelijk. Toen haar hoofd heel dichtbij was, kon hij haar adem ruiken. Die rook naar drop.
Ze begon in hem te prikken en hem te duwen. Hij werd bang. Ze haalde de kaart tevoorschijn uit haar jaszak, hij was al een beetje verbogen. Vlak voor zijn gezicht scheurde ze de kaart eerst door tweeën en toen ook nog in een heleboel kleine stukjes. Hij zag het piepkleine rode rokje van kleurpotlood zo naar beneden dwarrelen.
Daar werd hij verdrietig van en boos. Hij duwde terug. Aan zijn stembanden voelde hij dat hij er geluid bij maakte. Ze viel achterover, over een mountainbike heen, met haar hoofd op de grond.
Ze bleek twee broers te hebben. Broers met vuisten. En al had hij zelf best grote handen, hij gebruikte ze nooit om terug te slaan. Hij leek altijd pas te bedenken dat hij dat kon doen, als de anderen al klaar waren.

Vandaag komt ze eerder naar buiten. Ze sjouwt twee zware plastic tassen naar de stoep en laat ze daar neerploffen. Dan gaat ze weer naar binnen. Geen rood aan vandaag.
De zakken zijn van doorzichtig wit plastic met grote blauwe letters erop. Hij stapt uit en loopt naar de zakken toe. Hij ziet kleuren door het plastic heen. Spijkerstof, een gele trui en rood. Hij begint te peuteren aan het knoopje van de zak en kijkt even naar het huis om te zien of er iemand naar hem kijkt. Als hij de zak open heeft, graait hij naar de rode stof en schrikt zich kapot.
Het is de rok. De rok van hun eerste ontmoeting, hier aan de weg.
Ze doet de rok weg. Ze doet de rok weg.
Zijn oogleden knipperen heel snel en hij ademt alleen nog maar in.
Hij laat de rok vallen en rent naar zijn auto. Zijn handen trillen zo dat hij de sleutel maar moeilijk in het contact krijgt. Zodra het lukt, scheurt hij weg.
Waar moet hij nou naartoe? Aan wie kan hij dit vertellen? Hij slaat hier en daar links- en rechtsaf en rijdt zo een hele tijd rondjes door de stad. De stad die nu niet meer aanvoelt zoals altijd, want het is over.
Hij huilt hard, het doet zeer aan zijn keel. Als er voor hem voetgangers het zebrapad op lopen, weet hij nog net op tijd op zijn rem te trappen. Hij is geen engerd, hij doet anderen geen pijn, echt niet, niet expres.
Door zijn tranen heen ziet hij niet wie er oversteken. Eerst is het een klein groepje mensen. Maar dan, als iedereen is overgestoken, komen er twee meiden aangerend.
Als ze het zebrapad bereiken, gaan ze langzamer lopen. Ze hebben ieder een arm in de arm van de ander gehaakt en ze lachen. De ene vrouw heeft een grote cape om, lijkt het wel. De andere heeft een donkergroene muts op haar hoofd, bruine laarzen en een groene maillot aan haar benen. Ze draagt een lange zwarte jas. En dan ziet hij het.
Daar, onderaan de jas, steekt nog net een rand uit van haar rok. Als de dames zijn overgestoken, blijft hij hen nakijken. Achter hem drukken mensen ongeduldig op hun claxon. Met zijn mouw droogt hij zijn tranen. Hij kijkt naar de rok en kan weer een beetje glimlachen. Wat een mooie rode rok.